Selecteer een pagina

Proef de vergeten groenten

Uit vroegere tijden stamt een aantal groenten en gerechten dat eeuwenlang is gebruikt, maar nu vaak is vergeten. Soms kennen we ze nog van naam, maar vaak is de smaak en bereidingswijze onbekend. Gelukkig is een aantal kookboeken overgeleverd uit de Romeinse tijd en de Middeleeuwen. De vergeten groenten zouden weer geteeld kunnen worden, en de recepten weer gemaakt.
Niet alle hierna genoemde groenten, kruiden en recepten groeien nu op de zware zavelgrond van Park Bredelaar. Maar het geeft wel een aardig beeld van wat er ooit in Nederland groeide en bloeide.

Brave Hendrik

Een vergeten groente is een 50 tot 80 cm hoge vaste plant genaamd Brave Hendrik (Chenopodium bonus-henricus). De soort hoort tot dezelfde familie als de snijbiet en spinazie en is in Nederland zeldzaam geworden.

Brave Hendrik groeit goed op stikstofrijke grond op gecultiveerde akkers, in bermen en langs wegen. Het blad wordt op dezelfde manier geplukt en bereid als spinazie en is eveneens voedzaam en een rijke voedingsbron van het mineraal ijzer. De scheuten van de plant kunnen gegeten worden en worden op dezelfde manier bereid als asperges. Brave Hendrik wordt in het Engels dan ook poor-man’s asparagus genoemd. De bloemknoppen kunnen als broccoli worden klaargemaakt. Brave Hendrik schijnt goed te helpen tegen darmstoornissen en heeft een geneeskrachtige werking. Na het oogsten moet het wel snel bereid worden, omdat het blad niet langer dan een dag bewaard kan worden. Met kruiden (tijm, peterselie), knoflook, ui, gekruimeld brood en oude kaas kan het tot een puree worden verwerkt.

Pastinaak

Pastinaak (Pastinaca sativa subsp. Sativa) hoort tot de familie van de wortel, knolselderij en venkel en kan als de witte voorloper van de bekende winterwortel worden gezien. Vroeger was het een zeer geliefde groente om haar zoete, anijsachtige smaak. Oorspronkelijk is de groente afkomstig uit de Romeinse keuken.
De voedingswaarde is groot en bevat naast caroteen ook veel eiwit, calcium en vitamine C. Het is goed te bewerken in een soep of ovenschotel. Pastinaak stond lang op het menu in Nederland, totdat het verdrongen werd door de aardappel.
Tegenwoordig is pastinaak weer verkrijgbaar in de supermarkt.

Emmertarwe

Emmertarwe is een zogenaamd oergraan. Deze graansoort is ontstaan in de vroege prehistorie door ‘wilde emmer’ en ‘eenkoorn’ met elkaar te kruisen. Het resultaat is een graan met weinig gluten en een harde kaf. Daardoor maken ziektekiemen weinig kans en dus zijn bestrijdingsmiddelen niet nodig. Nadeel bij Emmertarwe is de opbrengst voor de boer. Een akker vol emmertarwe levert per hectare 2.500 kg graan, terwijl het graan van nu 10.000 kg per hectare oplevert. Van emmertarwe kun je brood maken. Het moet dan langzaam rijzen.

De smaak is licht zoetig en nootachtig. Het brood is vrij vochtig en erg voedzaam. Sommige natuurbakkers zijn dit prehistorisch oerbrood weer gaan bakken, dat – met enige tussenpozen – inmiddels meer dan 10.000 jaar wordt geconsumeerd.

Romeinse en middeleeuwse suikerwortel

Uit de Romeinse tijd dateert de zogenaamde suikerwortel (Sium sisarum), een zoet, voedingsrijk wortelgewas dat zeer gewaardeerd werd als zoetmaker. De schrijver Plinius Minor schreef erover en ook Horatius, een Romeinse dichter, noemde de suikerwortel als groente voor de rijken.

In de 16de eeuw werd de wortel herontdekt en omdat zoetigheid ook luxe was in die tijd, werd de suikerwortel vooral door de adel gegeten. Een andere naam is dan ook ‘vergulde wortel’. Door de opkomst van de aardappel en andere gewassen is de suikerwortel in de 18de eeuw in vergetelheid geraakt. De smaak is zoet en lijkt wel wat op die van pastinaak.